SINT-JORISPAROCHIE Uncategorized Een levende gemeenschap

Een levende gemeenschap

Een levende gemeenschap

Laten we voor één keer beginnen met het Evangelie: Jezus openbaart zichzelf als “de Weg, de Waarheid en het Leven” (14, 6); Hij spreekt over het huis van de Vader met vele woningen (een beeld van gemeenschap, geborgenheid en toekomst). En wie Jezus ziet, ziet de Vader (14, 9). God bouwt door Christus een levende gemeenschap (de Kerk), waarin ieder geroepen is om vanuit Christus te dienen en te getuigen. De leerlingen zullen Zijn werken voortzetten (14, 12). Alle leven, dienst en gemeenschap in de Kerk ontspringt aan de relatie met Christus. Zonder Hem geen weg, geen waarheid, geen leven (!). Petrus bouwt expliciet voort op Christus als fundament: Christus is de levende hoeksteen, door mensen verworpen maar door God uitverkoren. De gelovigen worden “levende stenen” die samen een geestelijk huis vormen. De Kerk is een “uitverkoren geslacht, koninklijk priesterschap”. Wie in Christus gelooft, wordt deel van Gods geestelijk bouwwerk en krijgt een actieve roeping: priesterlijk leven, dienst en verkondiging.

De eerste lezing bespreekt de concrete organisatie van die gemeenschap, hier zien we hoe dat geestelijk huis praktisch vorm krijgt: er zijn spanningen rond de zorg voor weduwen; de apostelen stellen zeven mannen aan (diakenen) om dienstbaar leiderschap op te nemen. Zo kunnen de apostelen zich richten op gebed en verkondiging. Resultaat: het Woord van God groeit en de gemeenschap breidt zich uit. De Kerk is geen vaag spiritueel idee, maar een geleid, dienend lichaam waarin taken gedeeld worden zodat de missie kan bloeien. Samengevat: de Kerk is Gods levende huis, gebouwd op Christus, gedragen door levende stenen, en zichtbaar in dienende gemeenschap.

Johannes 14, 3 spreekt niet over de “rapture” (opname), maar in dit vers belooft Jezus terug te komen. Hij belooft ook dat zijn leerlingen bij Hem zullen zijn. De focus ligt dus op de gemeenschap met Christus, niet op een tijdschema of ontsnapping aan de wereld. In de klassieke christelijke exegese slaat Johannes 14, 3 op de wederkomst van Christus aan het einde der tijden óf de overgang naar God bij de dood (óf beide, zonder ze strikt te scheiden).  Het vers is vooral bedoeld als troost voor verontruste leerlingen: de gemeenschap is van blijvende aard. Bijbels mooi…

(B.N.)

Related Post