Venturus

Venturus

Ten tijde van Johannes de Doper en Jezus waren de Joden al ruim 1000 jaar aan het wachten op hun Messias en de laatste 500 à 600 jaar was die messiaanse verwachting heel actief. Toen Juda terugkeerde uit Babylon (rond 538 v.Chr.), leefde de hoop op een herstelde koning uit Davids lijn. Maar die vervulling bleef uit. Gedurende de eeuwen van de Perzische, Griekse en Romeinse overheersing groeide het verlangen naar bevrijding en een rechtvaardige heerser. Tegen Jezus’ tijd was de verwachting zeer sterk door de Romeinse bezetting. Jesaja schildert een toekomst waarin de woestijn bloeit, blinden zien, doven horen, lammen lopen en stommen juichen. Het is een voorspelling van hoop: God komt om zijn volk te verlossen en vreugde te brengen. Jakobus roept in de tweede lezing op tot geduld en standvastigheid, zoals een boer wacht op de oogst. Hij verwijst naar de profeten als voorbeeld van volharding in moeilijke tijden. Dit sluit aan bij Jesaja: de beloofde vernieuwing komt, maar vraagt vertrouwen en geduld.

Mattheüs schildert Jezus als de vervulling van de belofte. Johannes de Doper vraagt: “Bent U degene die komen zou?” (Tu es, qui venturus es?). Jezus antwoordt door te verwijzen naar de tekenen die Jesaja voorspelde: blinden zien, lammen lopen, armen ontvangen het goede nieuws. Hiermee bevestigt Jezus dat Hij de vervulling van Jesaja’s voorspelling is. Jezus is dus de lang verwachte Messias… Het gedeelte eindigt met lof voor Johannes, die geduldig en trouw zijn taak vervulde, zoals Jakobus aanbeveelt. Er zit een mooie evolutie in de 3 lezingen: van hoop, met geduld, naar vervulling, typisch voor de adventstijd: verwachten, volharden, en herkennen dat Christus de beloofde Redder is. Jezus volgen was een heel avontuur (van het Latijn “adventura” – letterlijk “dat wat te gebeuren staat”). Johannes de Doper zat ondertussen al in de gevangenis. Hij die in Jezus het ‘Lam Gods’ had gezien (Joh. 1, 29) begon te twijfelen en dan had hij de lijdensweg van Jezus nog niet meegemaakt. Aan de voet van het Kruis begonnen alle apostelen te twijfelen (uitgezonderd misschien de evangelist Johannes) en die angst duurde tot aan Pinksteren…

(B.N.)

Related Post